Groepsgeschiedenis

1. Egmont

Twee laatstejaarsstudenten van het Sint-Jan-Berchmanscollege vatten het plan op om ook in Wemmel met een Vlaamse scoutsgroep van start te gaan. De ene is in deze school actief bij de VVKS-Sint-Martinusgroep, de andere bij de Zilvermeeuwtjes. Toeval of niet, in dezelfde klas zitten nog verschillende jongens die aan de basis zullen liggen van de oprichting van een reeks scoutsgroepen in het Brusselse (10).

Onder het goedkeurend oog van aalmoezenier René Van de Velde (op dat moment nog onderpastoor) houden Paul De Taeye en Herman Ooms op zaterdag 1 april 1957 hun eerste bijeenkomst in de bouwvallige constructie die dan achter de Sint Engelbertuskerk dienst doet als vergaderlokaal. De eerste geïnteresseerden zijn niet zo talrijk : Willy en Germain Vanden Bossche, Antoon en Stefaan Wouters, Peter Van Beveren, Arnout Ebrard, Walter Mertens, Julien Scheerlinck, Rudy Hereygers, Frans De Ridder, Freddy Adam, Herman Coomans, Luk De Ridder en Hedwig Van Gucht. De jeugdige kandidaten staan aanvankelijk nogal huiverig tegenover de voor hun onbekende scoutswereld. De kersverse vaandrigs doen hun best om ze te initiëren en tevens gewoon te maken aan het gebruik van ABN in de omgang (11).

Met de stootkar van vader Scheerlinck gaat men in een naburige parochie het materiaal ophalen dat door een inmiddels naar de Heizel overgehevelde Franstalige groep naar daar overgebracht was.

Als naam voor de nieuwe boreling wordt eerst gedacht aan Brigandsgroep of  Van Gansengroep,  naar de vrijheidsstrijders uit de Boerenkrijg. Maar dra blijkt dat die naam het om verschillende redenen niet goed doet en men schakelt over op Egmontgroep, naar de ridder van het Gulden Vlies die zich met Willem de Zwijger verzette tegen de Spaanse bezetting. Het groepsblad, dat Herman Ooms van september 1957 tot mei 1970 voor zijn rekening  neemt, krijgt overigens ook de naam Egmont mee en zal pas in 1966 omgedoopt worden tot Distel .

Op de  meivaart met het district Brussel voelen de leiders zich in 1957 nog onwennig maar het jaar daarop zal Wemmel de wedstrijd winnen.

Het eerste kamp, te Belvaux-sur-Lesse,  wordt een succes dat in het geheugen van de pioniers gegrift blijft. Het spreekt zodanig tot de verbeelding van de 12 jongverkenners en hun twee leiders, aangevuld met 2 foeriers en een kampaalmoezenier die een oudgediende van de zeescouts blijkt te zijn, dat een dozijn jaar later nog steeds herinneringen opgehaald en neergeschreven worden (12).

In elk geval  vindt men genoeg kandidaten  om in september 1957 met een welpenhorde te beginnen, waarvoor Vera Inion en Els Voncken de verantwoordelijkheid op zich nemen. Deze laatsten liepen eigenlijk met het plan in hun hoofd een eigen groep op te richten voor de meisjes. In 1963  wordt dan de Oriongroep opgericht voor de meisjesgidsen (zie verder).

De scoutsbeweging kent tijdens de eerste decennia in Wemmel een stijgende bijval. In 1965 wordt reeds de kaap van 100 leden gerond. In 1968 werken Egmont en Orion samen met de andere Vlaamse jeugdverenigingen van Wemmel om voor de eerste maal een  week  van de jeugd te organiseren. In 1969 kan men reeds met een 70-tal jongeren naar Melsbroek rijden om te genieten van een felgesmaakte luchtdoop met een DC 6.

In 1970 tellen Egmont en Orion samen 214 leden, zowat het toppunt van de beweging, weliswaar met inbegrip van enkele jongeren uit de buurgemeenten.

Gelukkig kunnen de jongeren steunen op een actief Oudercomité dat niet alleen hechte banden smeedt maar door het inrichten van eigen activiteiten geld in het bakje brengt. Zo wordt in december 1965 de film De Vlasschaard vertoond en wordt jaarlijks een feestavond georganiseerd met eet- en dansgelegenheid, meestal in de zaal Familia maar ook wel in de Sint Jozefschool, zelfs in zaal Pax.

René Pierard realiseert een film over de scouts Dit is Jeugd die een bomvolle zaal lokt.

De jaarlijkse Driekoningenstoet wordt een klassieker. Praktisch elke maand (aanvankelijk zelfs nog frequenter) wordt de groepsmis op zondag te 9u30 talrijk bijgewoond. Het gestencilde groepsblad Distel wint aan degelijkheid en wordt in 1969 vermeld als het beste groepsblad van het Verbond « als blad met stijl door zijn verzorgde opmaak, stijlvolle tekeningen, gevarieerde en lezenswaardige inhoud »(13). Het januarinummer 1970 van het verbondsblad Tele publiceert de « bekroning » van Distel als beste groepsblad van 1969. De kosten van het blad worden grotendeels gedekt door steunabonnementen van ouders en vrienden en door de publiciteit van ruim een tiental handelszaken.

Na 11 jaar dienst neemt Marc De Taeye in 1968 afscheid als groepsleider en wordt opgevolgd door Piet De Schuytter die reeds 22 jaar in de Brusselse scoutsbeweging staat.

Tijdens zijn 10-jarig verblijf in Wemmel (1967-77)  heeft onderpastoor Emiel Verbruggen zich zeer verdienstelijk gemaakt als aalmoezenier « de moeze » van de scoutsgroep. In Distel publiceerde hij regelmatig een overigens wetenschappelijk verantwoorde en gedocumenteerde rubriek over het verleden van de gemeente en illustreerde die met zelf gemaakte pentekeningen over typische gebouwen en hoekjes.

Een groot probleem blijft jarenlang de huisvesting van de beweging in behoorlijke lokalen.

In 1969 kan het oudercomité een lokaal aankopen in Oudergem. Men botst echter op de weigering van de gemeente en van  Stedenbouw om het in Wemmel te kunnen oprichten.

April 1970 brengt eindelijk de oplossing. De vzw Parochiale Werken gaat akkoord om de grote zolder van de Mater-Deischool en een gedeelte van Familia ter beschikking te stellen van scouts en gidsen maar de ouders zullen zelf moeten instaan voor de binnenafwerking.

 

2. Orion

Op vraag van de welpenleidsters van Egmont Vera Inion – AKELA, Lena Paessens – BALOE en Els Voncken – BAGHEERA, gaat Francisca Ooms in 1959 mee op kamp in Krokegem om wat te helpen bij de foerage. Zo komt ze in scouting terecht.

Van ’t een komt ’t ander, en na een inleidingcursus voor welpenleidster komt ze dan, samen met Hélène Grégoir, in 1961 als HATHI in de welpenleiding bij de Egmontgroep.

In de Sint Engelbertusparochie (nieuw Wemmel) bestaat dan, uitgezonderd KAJ, geen vereniging voor meisjes. Enkele meisjes gaan naar Sint Servaas (oud Wemmel) waar wel een paar bloeiende meisjesverenigingen bestaan zoals de Chiro, KAJ en KLJ.?

Bij zussen van scouts en leerlingen van Regina Caeli (die in Dilbeek lid zijn van VVKM) groeit de idee om een gidsengroep in Sint Engelbertus op te richten. Met de hulp van pastoor René Van de Velde en de districtscommissaresse wordt dan in 1963 de gidsengroep boven de doopvont gehouden.

Initiatiefneemsters zijn Annemie Leclercq en Martina Wouters voor de kabouters; Michèle Freyne en Francisca Ooms voor jonggidsen en gidsen. Pastoor Van de Velde wordt aalmoezenier. Francisca wordt als oudste tot groepsleidster gebombardeerd (van 1963 tot 1966/67) .

Als groepsnaam wordt Orion gekozen; één van de schitterendste sterrenbeelden aan het firmament. Ook in de Griekse en Romeinse mythologie vinden ze een toepasselijke betekenis om Orion als groepsnaam te gebruiken. Nog een reden voor deze naamkeuze is dat  “Egmont en Orion” goed in de oren klinkt, niettegenstaande gidsen en scouts dan nog volledig apart werken. Een beetje zoals toen in de kerk: meisjes links en jongens rechts. (Hoorn vinden ze overigens minder geslaagd als naam voor een meidengroep).

Om de start van de gidsengroep (kabouters van 8 tot 11jaar, jonggidsen van 11 tot 14 jaar en gidsen van 14 tot 16 jaar) bekend te maken delen ze na de missen stencils uit aan de Sint- Engelbertuskerk.

Om te vergaderen mogen zij de benedenverdieping van de parochiezaal Familia (gelegen naast de Mater-Deischool) gebruiken.

De opkomst wordt een onverhoopt succes: binnen de kortste keren tellen ze een 80-tal geïnteresseerden, meestal dochters van leden van wat dan het  “Vlaams Komitee Wemmel” heet. De meisjes komen vooral van de Sint-Engelbertusparochie, maar ook van “oud” Wemmel: Obbergstraat, Molenweg, Boechout….

Scouting slaat aan: grotendeels openlucht-activiteiten, handvaardigheden als sjorren en knopen leggen, trektochten (waarbij al eens “bootstop” gedaan wordt), barbecue avant la lettre…

Ook voor het goede doel zet Orion zich in : zo organiseren ze ondermeer een poëzie-avond. Ze declameren gedichten en worden hierbij ondersteund en begeleid op de piano door Mien De Corel. De opbrengst gaat naar een welzijnswerkster in Bolivië.

Om geld in het laatje te krijgen om hun lokaal in te richten en kampeerkoffers aan te schaffen houden ze een groepsfeest en laten hun programmaboekje sponseren door de winkeliers. Ze organiseren een papierslag en dank zij Jozef Gidts, die het transport naar de papierfabriek verzorgt, verloopt alles vlotjes.

Het Oudercomité (zelfde als van de scouts) bezorgt ook de nodige fondsen om goed te kunnen werken. De “soupers” van het Oudercomité – ook al eens vereerd met een gastoptreden van een jonge Johan Verminnen (Ieder met zijn hymne) – zijn legendarisch.

Een hele belevenis is ook de bustrip naar het zangfeest in Antwerpen om daar uit volle borst mee te zingen van ’t Ros Beiaard, Vier Weverkens, Roosmarijntje en het Loze Vissertje….

Hoogtepunten bij de start van Orion zijn Denkdag (1964) in Merchtem, het eerste groepsfeest, het eerste kamp in de bossen van Averbode (1964)…

De kampvuren met het geven van “totems” en  “bijvoeglijken” liggen nu nog in het geheugen. Alle soorten dierennamen en eigenschappen komen in aanmerking : bezige bij, rustige koala, vinnige specht, olijke lijster, vlijtige stern…

Ook de start van het werkjaar in september, met telkens een nieuw jaarthema en bijbehorend jaarlied, is altijd weer een bron voor nieuwe inspiratie.

Met de komst van onderpastoor  Emiel Verbruggen  worden de taken van pastoor Van de Velde wat lichter. Zo wordt “de Miel” aalmoezenier voor Orion.

Aan het groepsblad Orion wordt flink gesleuteld. Het evolueert van één blad papier met opsomming van data en activiteiten naar een heus groepsblad waarvoor ze een dikke pluim krijgen van het district. Later in 1966 worden de groepsbladen Egmont en Orion samengevoegd. Zo wordt  Distel geboren dat onder leiding van Herman Ooms in samenwerking met mijnheer Jonckheere, uitgroeit tot het beste groepsblad van het Verbond.

Ook bij VVKS-M wordt, zoals bij de andere jeugdbewegingen, overgegaan tot samensmelting van de jongens en meisjesbeweging.(14)

 

 

Marcel De Doncker

———————-

(10)  Met dank aan Herman Ooms voor de verstrekte hulp bij het samenbrengen van de documentatie.

(11)  Distel, 1° jaargang, nr 5-6, mei-juni, 1967; 3e jaargang, nr 6, maart 1969.

(12)  Distel, 4e jaargang, nr 1, september 1969; 4e jaargang, nr 3, november 1969; 4e jaargang, nr 4, december 1969.

(13)  Distel, 3e jaargang , nr 7, april 1969; 3e jaargang, nr 9, juni-juli 1969, 4e jaargang, nr 8, april 1970.

(14)  Met dank aan Franscisca Ooms, die het gedeelte Orion voor haar rekening nam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *